Verhalen

9. Zielig

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 9: Waarin Frank en de meiden op zoek gaan in het assiel

Het was toch niet zo’n goed idee geweest om beide meiden mee te nemen naar het asiel om een poes op te halen. Frank had zich totaal verkeken op de impact die al die weggedane of –gelopen katten en honden hadden op de tere meisjeszielen. Bij de eerste kat die Laura en Anna zagen was het gelijk raak. ‘Rambo. 12 jaar’ stond er op een bordje. Het beest zag er verfomfaaid uit en had slechts één oog. ‘Oh wat zielig’, zeiden ze in koor. ‘Ik denk dat het nogal een vechtersjas is, zei Frank, hij heet niet voor niets Rambo. Om Franks woorden te onderstrepen blies de eenogige kater vervaarlijk naar de beide meiden. Geschrokken deinsden ze achteruit. ‘Deze maar niet dus’, zei Frank. ‘Maar ik vind het wel zielig’, zei Anna. Het woord zou nog vele malen vallen die middag. Geen erger leed dan dierenleed, vooral bij kinderen. zo wist Frank zich nog te herinneren van zijn jeugd. Hij had een hond gehad: Whisky. Wat een belachelijke naam trouwens, bedacht hij. Je noemt je hond toch niet naar drank? Kennelijk wel, maar hij kon zich geen honden herinneren die Jenever of Wodka heetten. Hij en Whisky waren onafscheidelijk. Toen het dier werd overreden was Frank ontroostbaar. Het voorstel van zijn ouders een nieuwe hond te nemen stuitte op veel onbegrip bij Frank. Er was maar één hond en dat was Whisky geweest…

‘Pap, kijk nou, wat zielig!’. Laura haalde hem ruw uit zijn mijmeringen, Ze wees op een kat met maar drie poten. ‘Ach, die heeft ten minste drie poten om op te lopen; wij hebben er maar twee’, probeerde Frank, maar de meiden vonden het erg zielig en waren verontwaardigd over zijn antwoord. ‘Hoe is dat gekomen?’ vroeg Anna. Frank was geroerd door het nog immer aanwezige geloof dat kinderen hebben over de alwetendheid van hun ouders. Hij onderdrukte de neiging om tijdstip, locatie en de juiste toedracht te vermelden, maar zei ‘tja, dat weet ik natuurlijk ook niet, maar hij zier er niet erg ongelukkig uit,’ Dat moesten de kinderen beamen. Frank begreep ondertussen dat het onmogelijk zou zijn om een kat te selecteren en uit het asiel mee te nemen. Daarom stelde hij Laura en Anna voor om op het prikbord in de dichtstbijzijnde supermarkt te kijken of er ook nestjes jonge katten werden aangeboden, en … dan mogen jullie allebei een eigen poesje uitzoeken. Even was het stil, maar toen begonnen de meiden te schreeuwen van opwinding: ‘Een eigen poesje!’, gilden ze verrukt. ‘Je bent de liefste papa ter wereld.’

8. Nieuw huisdier

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 8: Waarin een poes de vervanger wordt van Harrie

Hamster Harrie lag nog maar koud onder de grond of Laura en Anna begonnen al over de vervanging van Harrie te praten. Het probleem was dat Anna een poes wilde en Laura een hond. ‘Een poes is ook handig, want die vangt muizen’, zette Anna haar keuze kracht bij. ‘Maar een hond blaft als er inbrekers zijn en brand en zo’, counterde Laura. ‘Tegen inbrekers hebben we je vader al’, zei Martine, ‘als die tenminste niet laveloos is.’ Martine keek haar echtgenoot kwaad aan. Zijn actie om het glaasje Sisi no Bubbels dat de meiden als afscheidsdrankje voor Harrie hadden bedacht te vervangen door een glas whisky – om 11 uur ’s ochtends – was compleet verkeerd gevallen bij Martine.

Frank ontweek de blikken van Martine en begon zich met de discussie over het nieuwe huisdier te bemoeien. ‘Waarom nemen jullie geen wandelende takken’, probeerde hij, ‘die zijn lekker rustig, hoeven weinig voer en je hoeft ze niet uit te laten.’ ‘Pffff’, zeiden beide zusjes eensgezind: ‘een wandelende tak, wat is daar nu aan? ‘Misschien wil ik wel een fretje’, zei Laura, die zich al voorstelde hoe haar vriendinnen jaloers op haar zouden zijn. ‘Ja, vet cool’, zei Anna, ‘Ik wil ook een fretje’. ‘Nee, ik heb het bedacht’, zei Laura fel. ‘We kunnen best allebei een fretje hoor’, zei Anna boos. ‘In dit huis komen geen fretjes’ zei Martine. ‘dat zijn geen huisdieren.’ ‘Juist’, zei Frank, ‘jullie mogen kiezen tussen een hond of een kat en als jullie voor een hond kiezen dan veto ik dat, want ik weet nu al wie over een maand dat beest mogen uitlaten: dat zijn jullie ouders en die hebben daar geen zin in.’ Laura was al twee jaar over een hond aan het zeuren, maar hoewel Martine en Frank hun dochters veel gunden, was een hond onbespreekbaar. Ze hadden bij het gezin van een broer van Frank gezien hoe de oudste dochter na eindeloos veel gezeur een hond had gekregen en na een maand de hond al niet meer wilde uitlaten. Daarbij bleek de hond ook nog behoorlijk wild en onopvoedbaar. Er waren een stuk of vijf Martin Gaus opvoedcursussen voor nodig geweest om het dier een beetje in het gareel te krijgen; een klus waarvoor Franks broer mocht opdraaien. En nog was Sjakie, zo heette de hond, berucht om zijn zwiepende staart waarmee hij een keer zelfs met één machtige zwaai vier koffiekopjes tegelijk van de salontafel had gemaaid.

En hoewel Laura nog wat tegenstribbelde, was het duidelijk: de familie Klaver werd uitgebreid met een poes. ‘Vanmiddag gaan we naar het asiel om er eentje op te halen’, zei Frank. ‘Yeahhh’, gilden de zusje. Ik wil een zwarte’. ‘Nee, een witte.’ Tevreden dat de opvolging van Harrie zo snel was geregeld, sloeg Frank zijn whisky in een teug achterover.

7. De begrafenis

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 7: Waarin hamster Harrie een waardige begrafenis krijgt

De service van de dierenambulance ging verder dan het verzamelen van dode huisdieren, vertelde de oudste dierenambulancebroeder aan Frank. Eensgezind stond de familie Klaver rondom de op een washandje liggende verdronken hamster. Tot het dienstverleningspakket van de dierenambulance behoorde ook een begrafenis- of crematieservice. ‘Deze bestaat uit het vervoeren van het lijkje naar het dierencrematorium of dierenbegraafplaats, waarna de plechtigheid op een nog vast te stellen tijdstip plaatsvindt. Het is mogelijk de plechtigheid bij te wonen, te spreken en na afloop met de genodigden een kopje koffie en een plakje cake te nuttigen. Frank deed erg zijn best zijn gezicht in de plooi te houden, en wilde net vragen hoe het stond met de lijk- en volgauto’s, toen Laura zei: ‘Niks crematie en plakje cake: we begraven Harrie in de tuin.’ Frank kon zijn oudste dochter wel zoenen.

De volgende ochtend werd Harrie in de tuin begraven. De meiden hadden er een hele ceremonie van gemaakt, uitgeschreven op papier. Het beestje lag in een sigarendoos op een bedje van watten. Naast hem lag wat voer, zodat hij onderweg naar de hamsterhemel geen honger zou krijgen. Anna had er ook nog een zwembandje – gemaakt van een rietje en wat elastiekjes – bij gelegd. Wie weet moest Harrie woeste rivieren oversteken op weg naar zijn hemel. En zwemmen kon hij niet erg goed, dat was wel gebleken.Lees verder...

6. Hamster Harrie

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 6: Waarin een hamster zakt voor zijn zwemdiploma en een etentje verknalt.

De ramp waarover Laura had gebeld en waarmee een abrupt einde kwam aan het intieme etentje met Frank, viel in de categorie ‘kinderrampen’. Wat was er gebeurd?
Harrie, een van de twee hamsters in huis, mocht af en toe vrij rondlopen en was in de vissenkom van Blupje, de goudvis, gevallen en naar het zich liet aanzien verdronken. Hoe lang hij in het water had gelegen wist Laura niet, maar hij zag er nogal dood uit, vertelde ze in tranen door de telefoon.

‘We komen eraan’, zei Martine en gebaarde tegen Frank dat hij moest afrekenen. Met enige tegenzin stond Frank op en liep naar de kassa. Hij was nooit zo’n fan geweest van Harrie en Henkie, zoals de andere hamster heette. Zeker niet toen Henkie een keer ’s nachts, toen ze vergeten waren hem in zijn kooi te stoppen, de printerkabel van zijn laptop had doorgeknaagd, terwijl Frank juist die dag voor negen uur een aantal prints had moeten faxen naar een belangrijke klant. ‘Had je ze gisteren maar uit moeten printen’ had Martine gezegd. ‘Dit krijg je als je altijd alles tot het laatste moment uitstelt.’ Frank had deemoedig het hoofd gebogen in de hoop dat hij daarmee de preek van Martine kon ontlopen, maar dit was voor Martine vaak een reden om juist nog even door te gaan. Lees verder...

5. Almere-Buiten (II)

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 5: Waarin Frank en Martine Italiaans gaan eten

Op de terugweg van het huizen kijken in Almere-Buiten zwegen ze. Frank zat chagrijnig voor zich uit te kijken en te bedenken hoe dat ook alweer heette als alles fout ging wat er fout kon gaan: was dat niet de Wet van Murphy? Martine had alle aandacht nodig bij het verkeer dat net tussen file en doorrijden in zat. Bovendien keek ze recht tegen de ondergaande zon in en, die zich - nu het eigenlijk niet meer hoefde - toch nog even liet zien.

Pas bij Diemen verbrak Martine de stilte. ‘En dan sta je ook nog elke dag een uur heen en een uur terug in de file. Hoort dat ook bij het ‘Almere-gevoel’ van je collega Jos? Frank reageerde gelaten: ‘Het was ook geen goede dag om jou warm te krijgen voor Almere met dit stormachtige weer. ‘Schat’, zei Martine, ‘Almere ligt in de polder en in polders waait het altijd. Ik vond die makelaar het ergste. Het leek wel alsof we terecht waren gekomen in een Monty Python-sketch voor makelaars in opleiding: ‘How not to sell a house’. Wat een vreselijke man. En dan ook nog de tweelingzus van de bovenbuuf als eventuele nieuwe buurvrouw die zich gelijk met onze tuin ging bemoeien.’ Beiden gierden het uit.Lees verder...

4. Almere-Buiten (I)

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 4: Waarin Frank overweegt naar Almere te verhuizen en Marine denkt aan een scheiding

Frank had een afspraak gemaakt met een makelaar in Almere om huizen te kijken. Martine, die van niets wist, had flink tegengesputterd. Volgens haar woonden ze prima. Ze hadden tien jaar geleden - vlak voordat de huizenprijs was geëxplodeerd - een nieuwbouwhuis met een grote tuin gekocht in de Plantagebuurt. Wat wilde je nog meer? Dat kon Frank ook niet zo goed uitleggen, alleen dat zijn collega Jos zo positief was over zijn nieuwe woonplaats. Sinds hij er woonde had hij het telkens over het ‘Almere-gevoel’. Uiteindelijk had ze toch ingestemd om op een vrijdagmiddag mee te gaan naar Almere-Buiten.Lees verder...

3. Café Henk

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 3: Waarin Martine Frank besnuffelt en babi-pangang ruikt

Martine was in slaap gevallen voor de tv. Ze werd wakker van de koude hand van Frank die haar over haar wang aaide. ‘Dag schat’, zei ze en negeerde zijn alcoholkegel. Uit een ooghoek zag ze dat het half één was. ‘Wat ben je laat. Was het gezellig?’ ‘Gaat wel’, zei Frank. Het waren vier Engelse klanten, en je weet hoe dat gaat als die van hun eiland af mogen. Zuipen, eten en daarna de Wallen op.’ ‘Ben je mee geweest?’, vroeg Martine. ‘Ik heb ze ernaar toe gebracht, maar ben daarna met Jos ervan door gegaan. Wij hebben nog even wat nagebabbeld in café Henk.’ ‘Je wordt er nog eens stamgast’, zei Martine. Ze vond Café Henk, een echte volkskroeg met een biljart en een grootbeeldscherm voor de wedstrijden van Ajax en het Nederlands Elftal, niets voor Frank. Als hij ging stappen met vrienden en een enkele keer met haar, wist hij de nieuwste trendy cafés altijd feilloos te vinden. Ze werden bevolkt door goedgeklede en goedgebekte dertigers en veertigers die krampachtig probeerden twintigers te blijven. Martine werd altijd een beetje neerslachtig van dat opgefokte gedrag. Maar nu was het café Henk voor en café Henk na en dat vond ze allang best.Lees verder...

2. 'Van onderen'

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 2: waarin Martine bijna wordt geplet door een vallende koelkast

Martine schrok zich wezenloos toen ze de voordeur opendeed en twee agenten zag. 'De kinderen’, ging het door haar heen. ‘Wat was er gebeurd?’ Maar toen zag ze dat het agenten van de milieupolitie waren. ‘Is deze rommel van u?’, vroeg één, terwijl hij wees op een oude oliekachel, een krakkemikkige bank en wat uit elkaar gevallen kastjes die de stoep geheel en al blokkeerden. Martine liep naar de rommel toe en zei: ‘Natuurlijk niet, het ligt toch niet voor mijn huis: het ligt toch bij de buren op de stoep. Het zal wel van de krakers op 3-hoog zijn; die storen zich nergens aan’. De milieuagent wilde wat terugzeggen, maar opeens klonk er van boven een luide gil: ‘Van onderen’ Martine keek omhoog en kon nog net opzij springen voor een vallende koelkast die met een luide knal op de stoep belandde. ‘Sorry’, klonk het van boven. ‘Sorry? Wat nou ‘sorry, idioot die je bent. Ik was bijna dood geweest en jij zegt ‘sorry’, gilde Martine woedend. ‘Ik zeg toch sorry, hij glipte uit mij handen’, zei de jongeman vanaf 3-hoog. Lees verder...

1. Sangría

De familie Klaver: een feuilleton

Deel 1: waarin we kennismaken met Frank (43) en Martine (40) Klaver, en hun kinderen Laura (13) en Anna (10).

Hèhè, met een zucht plofte Martine in de plastic tuinstoel. Ze wurmde haar voeten uit de iets te strakke strandschoentjes en wilde de post openmaken, maar bedacht zich en nam eerst een slok ijskoude sangria. ‘Heerlijk’, en ze keek schuin omhoog of haar bovenbuurvrouw niet toevallig over de reling hing. Het was nog maar twee uur, wel erg vroeg om al aan de alcohol te gaan en als de buurvrouw het zag zou die ongetwijfeld met haar snerpende stem ‘Hé buuf, nu al aan de drank’ gillen, zodat het halve blok het meteen wist. Het was nog een beetje afkicken van de vakantie toen Frank de sangria had ontdekt en hij het borreluurtje steeds vroeger liet beginnen onder het mom dat het niet meer was dan een glaasje limonade met een tikkeltje alcohol. Het dronk inderdaad als limonade, maar het tikkeltje alcohol merkte je na twee glaasjes ook wel.


Cartoon: Bert TierLees verder...

Inhoud syndiceren